100 kilometer om opnieuw in zichzelf te geloven: Tessa's Dodentocht
Bijgewerkt op: 14 okt
Deze keer deel ik niet mijn eigen wandelervaring, maar die van mijn schoonzus. Tessa Rossel is een straffe madam voor wie ik alleen maar bewondering heb. Dit jaar ging ze namelijk een bijzondere uitdaging aan: de Dodentocht, een wandeltocht van maar liefst 100 kilometer, die ze met succes uitwandelde. Zelf mocht ik 20 kilometer aan haar zijde meestappen en zo een stukje van haar avontuur van dichtbij meemaken. Maar wat haar prestatie écht bijzonder maakt, is het persoonlijke en emotionele verhaal dat erachter schuilt. Dit is haar verhaal.

Kilometer 88: wanneer je hoofd niet meer mee wil
88 kilometer op de teller. Nog twaalf te gaan. Nu denk je waarschijnlijk: "Waarom begint Renate in godsnaam bijna aan het einde van de tocht in plaats van bij het begin?" Wel, omdat kilometer 88 voor Tessa weleens het einde van haar Dodentocht had kunnen betekenen.
Tessa heeft er op dat moment al een volledige nacht wandelen op zitten. Haar voeten hebben het zwaar te verduren gekregen, maar het is vooral de extreme vermoeidheid die haar parten speelt. Hoewel haar lichaam zich naar eigen zeggen nog verrassend goed houdt, wordt het mentaal steeds moeilijker om door te gaan.
De uitputting is ondertussen zo groot dat ze zich achteraf bepaalde momenten van de tocht niet meer zal herinneren. Gelukkig staat ze er niet alleen voor. De mensen rondom haar blijven haar aanmoedigen om verder te stappen, ook wanneer de vermoeidheid de bovenhand dreigt te nemen.
Nog twaalf kilometer. Twaalf kilometer die haar scheiden van een doel waar ze maandenlang naartoe heeft gewerkt.
Maar voor Tessa gaat het niet alleen om het bereiken van die eindmeet.
Een uitdaging met een persoonlijke betekenis
Tessa Rossel is 32 jaar en woont samen met haar man Kenny en hun drie katten in Eeklo. Ze houdt van wandelen, zoekt graag een stevige uitdaging op en krijgt energie van bijzondere ervaringen.
Toen ze besloot om deel te nemen aan de Dodentocht, verklaarde haar man haar dan ook een beetje gek. En hij was niet de enige, vertelt ze lachend.
Toch zat er achter haar beslissing een veel persoonlijkere motivatie dan alleen de drang om een sportieve uitdaging aan te gaan.
Na een ingrijpend traject rond endometriose had Tessa namelijk het gevoel gekregen dat haar eigen lichaam haar in de steek had gelaten. De Dodentocht werd voor haar dan ook een manier om dat gevoel om te buigen. Ze wilde zichzelf bewijzen dat haar lichaam wel degelijk tot iets buitengewoons in staat was.
Met die gedachte in het achterhoofd stelde ze zichzelf een duidelijk doel: de volledige 100 kilometer uitwandelen. Al wist ze toen nog niet hoeveel die kilometers werkelijk van haar zouden vragen.
Acht maanden voorbereiding, maar ben je ooit écht klaar voor 100 kilometer?
In januari 2026 begon Tessa aan haar voorbereiding. Hoewel ze al langer aan haar spierkracht werkte om blessures zoveel mogelijk te voorkomen, werden vanaf januari ook de wandelafstanden serieus opgebouwd. Ze begon met 25 kilometer, waarna ze de afstand uitbreidde naar 35 en uiteindelijk 50 kilometer. Die laatste afstand, die ze begin mei aflegde, bleek echter al behoorlijk zwaar.
Daarnaast stond er ook een nachtwandeling van 42 kilometer op het programma. Een training die ze achteraf iedereen zou aanraden. Want hoewel wandelen overdag al vermoeiend kan zijn, brengt wandelen tijdens de nacht heel andere uitdagingen met zich mee. Je natuurlijke slaapritme raakt verstoord, je lichaam wordt moe en zelfs eten kan plots een moeilijke opgave worden. Zo merkte Tessa tijdens haar nachtwandeling bijvoorbeeld dat ze nauwelijks honger had en dat voedsel moeilijk verteerde. Dankzij die ervaring kon ze beter inschatten wat ze tijdens de Dodentocht mocht verwachten.
Maar niet alleen de lange afstanden en het wandelen tijdens de nacht vormden een uitdaging. Ook de zoektocht naar geschikt schoeisel verliep niet zonder slag of stoot.
Na een bezoek aan Runners' Lab kreeg ze eerst een paar New Balance-schoenen aangemeten. Die veroorzaakten echter pijn onder haar voeten. Op advies van een podoloog wisselde ze daarom van schoenen, maar het nieuwe paar bezorgde haar dan weer blaren.
Blaren die zelfs tijdens de Dodentocht nog niet volledig genezen zouden zijn. Ondanks die tegenslagen voelde Tessa zich voldoende voorbereid om aan haar grootste wandeluitdaging tot nu toe te beginnen.
13.000 wandelaars, één gezamenlijk doel
Op de dag van de Dodentocht overheerst een mengeling van zenuwen, enthousiasme en prestatiedrang. Samen met twee andere wandelaars staat Tessa aan de start. Rondom haar verzamelen zich duizenden deelnemers die allemaal hetzelfde doel voor ogen hebben: zo ver mogelijk geraken, en het liefst die volledige 100 kilometer uitwandelen.
De eerste kilometers verlopen echter niet helemaal zoals gehoopt.
Door de enorme drukte is het moeilijk om meteen een comfortabel tempo te vinden. Iedereen wil vooruit, maar met zoveel wandelaars tegelijk is dat gemakkelijker gezegd dan gedaan.

Toch heeft Tessa al snel haar ritme te pakken. Bij kilometer 17 ziet ze haar man Kenny. Ze hadden vooraf afgesproken dat ze moest stoppen wanneer ze zou flauwvallen. Hoe ze zich op dat moment precies voelt, houdt ze echter liever voor zichzelf.
Naarmate de kilometers voorbijtrekken, ontdekt ze bovendien iets wat ze vooraf niet volledig had kunnen inschatten: de bijzondere sfeer langs het parcours. Overal zorgen dj's voor muziek, moedigen supporters de wandelaars enthousiast aan en bieden omwonenden spontaan eten en drinken aan. Die betrokkenheid maakt de tocht niet alleen aangenamer, maar geeft de deelnemers ook telkens opnieuw een duwtje in de rug.
Wat Tessa echter het meest bijblijft, is het gevoel van samenhorigheid. Iedereen heeft hetzelfde doel, maar beleeft de tocht op zijn eigen manier. De ene wandelaar kampt met pijnlijke voeten, terwijl de andere worstelt met slaaptekort of mentale vermoeidheid. Toch begrijpen de deelnemers elkaar zonder veel uitleg.
Je kunt tegen een volslagen onbekende vertellen hoe zwaar je het hebt, en die persoon weet precies wat je bedoelt. Voor Tessa is dat dan ook een van de mooiste aspecten van de hele Dodentocht.
Twintig kilometer aan haar zijde
Hoewel Tessa aan een persoonlijke uitdaging begint, hoeft ze gelukkig niet alle kilometers alleen af te leggen. Ze begon namelijk in een groepje met 2 andere wandelaars aan deze tocht. Helaas heeft dat niet lang geduurd: Een van haar twee wandelpartners moet rond kilometer 30 de tocht beëindigen. De andere zet samen met haar door tot aan de finish.
Ook haar familie speelt een belangrijke rol tijdens het avontuur. Haar man Kenny komt haar regelmatig ondersteunen, net als haar moeder en andere familieleden.
Tussen kilometer 50 en 70 krijgt ze bovendien gezelschap van haar broer en mij. Voor mij betekent dat twintig kilometer wandelen. Voor Tessa zijn het echter kilometers 50 tot 70 van een tocht die dan al uren aan de gang is.
Bij de bevoorradingspost op kilometer 50 stonden we Tessa op te wachten. Het was er enorm druk, niet alleen door de vele wandelaars, maar ook door de supporters die langs de kant stonden. Even was ik bang dat we haar in die mensenmassa zouden mislopen. Maar plots kruisten onze blikken. Ze viel haar broer huilend in de armen en ik merkte meteen dat ze het mentaal even moeilijk had. Ook tijdens de kilometers die volgden, probeerde ik haar af en toe te ondersteunen, al kwamen de tranen regelmatig terug. Gelukkig wist haar broer haar telkens weer op te vrolijken en haar door die emotionele momenten heen te helpen. Zelf ben ik daar misschien wat minder sterk in, maar ik hoop dat mijn gezelschap haar toch een beetje deugd heeft gedaan.
Wat Tessa vertelde over de sfeer tijdens de Dodentocht, kan ik alleen maar bevestigen. Die is werkelijk ongelooflijk. Overal langs het parcours staan mensen enthousiast te supporteren en zijn er standjes waar vrijwilligers spontaan eten en drinken uitdelen aan de wandelaars.
Hoewel ik dat allemaal prachtig vond om mee te maken, bekroop me soms ook een vreemd gevoel. Alsof ik al die aanmoedigingen eigenlijk niet verdiende. Ik wandelde dan wel twintig kilometer mee, maar ik was niet degene die al urenlang aan het afzien was. Dat waren de mensen rondom mij, die op dat moment al minstens vijftig kilometer in de benen hadden. En net daardoor groeide mijn respect voor hen alleen maar meer.
Uiteindelijk wandelt Tessa slechts zeven kilometer zonder vertrouwd gezelschap. Maar zelfs tijdens die momenten is ze nooit écht alleen. Onderweg ontstaan namelijk voortdurend gesprekken met andere deelnemers. Iedereen moedigt elkaar aan en helpt elkaar om de volgende kilometers door te komen.
Die verbondenheid zal later nog belangrijker blijken dan ze op dat moment beseft.
Wanneer de vermoeidheid het overneemt
Ondanks haar uitgebreide voorbereiding blijft 100 kilometer wandelen een enorme belasting voor het lichaam. Voor Tessa zijn vooral de kasseistroken bijzonder onaangenaam. Haar voeten krijgen het zwaar te verduren en wanneer een van haar blaren openspringt, wordt iedere stap pijnlijker.
Toch blijkt de grootste uitdaging uiteindelijk niet uitsluitend fysiek te zijn. Terwijl de kilometers blijven oplopen, begint de vermoeidheid namelijk steeds meer invloed te krijgen op haar mentale toestand.
Rond kilometer 88 bereikt ze haar dieptepunt. De uitputting is intussen zo extreem dat ze achteraf gaten in haar geheugen heeft. Haar lichaam kan nog verder, maar mentaal is ze volledig uitgeput. Gelukkig blijven de mensen rondom haar haar aanmoedigen om door te zetten. Die ondersteuning maakt op dat moment een wereld van verschil.
Tijdens de tocht leert Tessa bovendien een belangrijke les: kijk vooral niet voortdurend naar hoeveel uur je nog moet wandelen. Want wie bij iedere kilometer denkt aan de uren die nog voor zich liggen, maakt de uitdaging alleen maar groter. Veel beter is het om de tocht op te delen in kleine, haalbare stukken. Van rustpunt naar rustpunt. Van kilometerbord naar kilometerbord.
En zo komt ze stap voor stap dichter bij haar doel.
De langste vijf kilometer van haar leven
Na tientallen kilometers wandelen komt eindelijk de finish in zicht. Toch blijken de laatste vijf kilometer volgens Tessa de langste vijf kilometer van haar hele leven.
Elk kilometerbord maakt haar bewuster van de afstand die nog rest. Zodra ze er eentje passeert, begint het aftellen naar het volgende. Zo lijkt de eindmeet tegelijkertijd steeds dichterbij en toch nog zo ver weg.
Tot uiteindelijk de laatste kilometer aanbreekt.
Plots verandert alles.
De extreme vermoeidheid maakt plaats voor een overweldigende golf van geluk. Het besef dat ze de volledige Dodentocht zal uitwandelen, dringt eindelijk door.

Tessa begint te huilen van blijdschap. De laatste 200 meter wandelt ze helemaal alleen. Langs het parcours staan mensen luid te applaudisseren, want iedereen die de finish bereikt, wordt als een held onthaald.
Tussen de massa staan haar man Kenny, haar moeder en haar tante haar op te wachten.
En alsof het moment nog niet bijzonder genoeg is, klinkt net op dat ogenblik Housewife van Daan door de luidsprekers. Een nummer van een artiest waar Tessa grote fan van is.
Met drie grote boeketten bloemen probeert ze zich zichtbaar te maken voor haar familie tussen alle supporters.
Na 100 kilometer wandelen bereikt ze eindelijk de finish.
Het gevoel? Onbeschrijflijk. Even voelt ze zich een echte held.
De finish bereikt, maar het lichaam is op
De euforie is groot, maar zodra de tocht erop zit, laat Tessa's lichaam duidelijk merken hoeveel inspanning het heeft geleverd. Waar ze tijdens de Dodentocht nog kon blijven stappen, lukt wandelen na de finish plots nauwelijks meer.
Samen met haar gezelschap strompelt ze dan ook richting de auto. De schade aan haar voeten is aanzienlijk. Vooral haar kleine teen heeft het zwaar te verduren gekregen en is volgens haar bijna één grote blaar geworden.
Ook de vermoeidheid slaat hard toe. Na afloop krijgt ze namelijk te maken met een bloeddrukval. Zelfs op maandag voelt ze de gevolgen van de tocht nog, vooral mentaal. Voor Tessa is één ding dan ook duidelijk: wie net de Dodentocht heeft uitgewandeld, kruipt beter niet zelf achter het stuur. Toch overheerst ondanks alle pijn en vermoeidheid vooral een enorm gevoel van trots.
Meer dan zomaar 100 kilometer
Wanneer Tessa terugblikt op haar eerste Dodentocht, is ze trots op alles wat ze heeft bereikt. Niet alleen op de 100 kilometer die ze volledig op eigen kracht aflegde, maar ook op het doorzettingsvermogen dat ze onderweg ontdekte.
Zo leerde ze dat extreme vermoeidheid haar bijzonder emotioneel kan maken, maar vooral ook dat ze veel meer kan verdragen dan ze vooraf misschien dacht.
Na een periode waarin haar lichaam haar vertrouwen had beschadigd, werd de Dodentocht uiteindelijk een persoonlijke overwinning. Een bewijs voor zichzelf dat haar lichaam nog steeds tot bijzondere prestaties in staat is. En ondanks de blaren, de uitputting en de zware laatste kilometers hoeft ze niet lang na te denken wanneer ik haar vraag of ze ooit opnieuw zou deelnemen. Zonder twijfel, antwoordde ze.
Zelf de Dodentocht wandelen? Dit zijn Tessa's tips
Droom je ervan om ooit zelf die 100 kilometer te wandelen? Dan heeft Tessa enkele praktische tips die ze graag meegeeft aan toekomstige deelnemers.
Train ook tijdens de nacht
Een lange nachtwandeling mag volgens Tessa niet ontbreken in je voorbereiding. Zo ontdek je namelijk hoe je lichaam reageert op vermoeidheid en hoe je omgaat met eten, drinken en slaaptekort.
Zoek schoenen die écht bij je passen
Test je schoenen tijdens verschillende lange wandelingen. Tessa geeft zelf de voorkeur aan lichte sport- of trailschoenen boven zware wandelschoenen. Wat voor jou het beste werkt, hangt uiteraard af van je voeten en wandelstijl.
Onderschat je voeding niet
Tijdens haar tocht kreeg Tessa vooral Tuc-koekjes, bananen, eieren en sportkoeken binnen. Door de vermoeidheid vergat ze soms te eten. Achteraf zou ze haar voedingsstrategie dan ook beter voorbereiden.
Neem voldoende wandelkousen mee
Blaren kunnen je tocht bijzonder onaangenaam maken. Daarom raadt Tessa aan voldoende reservekousen mee te nemen en deze regelmatig te wisselen. Zelf gebruikte ze ook wandelwol om wrijving te verminderen.
Denk niet aan de volledige afstand
Honderd kilometer lijkt eindeloos wanneer je voortdurend denkt aan alles wat je nog moet afleggen. Focus daarom liever op de volgende tussenstop. Kleine doelen maken een grote uitdaging namelijk overzichtelijker.
Luister naar je lichaam
Misschien wel de belangrijkste tip van allemaal. Je kunt vaak meer aan dan je denkt, maar dat betekent niet dat je koste wat het kost moet doorgaan. Daarom: Stoppen wanneer het echt niet meer gaat, is geen mislukking.
De Dodentocht draait voor Tessa uiteindelijk niet alleen om het bereiken van de finish. Het zijn ook de ontmoetingen onderweg, de aanmoedigingen van onbekenden, de steun van familie en het besef dat ze haar eigen grenzen heeft verlegd. Want soms ontdek je pas hoeveel je aankunt wanneer je jezelf uitdaagt om verder te gaan dan je ooit voor mogelijk hield.





Opmerkingen